
Impact van de overstroming van 2024 in Valencia, Spanje
Artikel
Herstel na overstromingen: lessen uit Valencia en Hauts-de-France
In heel Europa worden regio’s geconfronteerd met steeds ernstigere en complexere overstromingen die de grenzen van paraatheid, respons en veerkracht op lange termijn op de proef stellen. Binnen de Benelux- en Duitslandregio werkt het JCAR ATRACE-programma aan het ondersteunen van overheden bij het versterken van hun vermogen om deze extremen te voorzien en te beheersen. Betekenisvolle vooruitgang hangt echter ook af van het leren van ervaringen in andere gebieden die recent zwaar door overstromingen zijn getroffen. Met dat doel richt dit artikel zich op Valencia in Spanje en Hauts-de-France in Noord-Frankrijk, twee regio’s die de afgelopen jaren te maken kregen met grote overstromingscrises. Hun ervaringen bieden waardevolle inzichten in hoe verschillende gebieden het herstel organiseren, gemeenschappen ondersteunen en lessen vertalen naar robuustere strategieën voor de toekomst.
Valencia
Op 29 oktober 2024 zorgde een ‘Depresión Aislada en Niveles Altos’ (DANA) weersysteem voor extreme neerslag, waardoor rivierbeddingen, transport- en stedelijke infrastructuur in korte tijd werden overspoeld. Het stroomgebied van de Rambla del Poyo werd het zwaarst getroffen: in delen van het bekken viel binnen één dag meer dan 700 mm regen. Industriegebieden, landbouwgrond en woonwijken liepen zware schade op, met verder grote gevolgen voor de gezondheid van ecosystemen en de kwaliteit van het grondwater.
6 tot 770 mm neerslagvariatie
binnen het stroomgebied van de Rambla del Poyo
228 dodelijke slachtoffers
87 gemeenten getroffen
144.000 voertuigen
beschadigd of vernietigd
€
11 - 17 miljard
kapitaalverliezen
aan publieke en private bezittingen
Twee experts speelden een centrale rol bij het door deze crisis loodsen van de regio. Roger Llanes Ribas, directeur van het Bureau voor Wederopbouw en Speciaal Commissaris voor Herstel, coördineerde de strategische respons in de zwaarst getroffen gemeenten. Teodoro Estrela Monreal, functionaris bij de regionale waterautoriteit ‘Confederación Hidrográfica del Júcar’, leidde het herstel van de kritieke watervoorzieningen.
Voor Llanes was de eerste grote uitdaging om de volledige omvang van de ramp en de bijbehorende herstelbehoeften in kaart te brengen. Een deel van de schade was onmiddellijk en duidelijk zichtbaar; andere werd pas na dagen of weken zichtbaar. Het onderhouden van doorlopende communicatie met gemeenten, bewoners en sectorale organisaties was essentieel om alle nieuwe en voortdurend veranderende behoeften in kaart te brengen. Financiering van herstel vormde een ander groot obstakel, aangezien inflatie en materiaaltekorten de inkoop vertraagden en duurder maakten. Het coördineren van financiële steun over verschillende sectoren heen, van bedrijven tot landbouwers, vereiste een systeem dat zowel efficiënt als transparant was.
Roger Llanes Ribas
Directeur van het Bureau voor Wederopbouw en Speciaal Commissaris voor Herstel van door de DANA veroorzaakte Schade

Roger Llanes Ribas is agronoom en heeft meer dan 30 jaar ervaring in plattelandsinfrastructuur, irrigatie en landbouwbeleid. Hij leidt momenteel het Bureau voor Wederopbouw en is Speciaal Commissaris voor Herstel van door de DANA veroorzaakte Schade. Eerder was hij Regionaal Secretaris voor Landbouw en Directeur-Generaal voor Landbouw, Veeteelt en Visserij in Valencia. Daarnaast leidde hij SEIASA als CEO en Technisch Directeur, waarbij hij grote publieke investeringsprogramma’s in plattelandsontwikkeling en waterbeheer overzag.
Institutionele coördinatie was minstens zo belangrijk. Omdat meerdere bestuursniveaus gelijktijdig actief waren, waren duidelijk leiderschap en gestructureerde samenwerking cruciaal om doublures te voorkomen en ervoor te zorgen dat progressie gemaakt werd met korte-termijn hulp en lange-termijn planning. Estrela en zijn teams stonden onder grote druk om de essentiële diensten zo snel mogelijk te herstellen. De drinkwatervoorziening werd binnen enkele dagen opnieuw operationeel gemaakt en de riolerings- en sanitatiesystemen binnen ongeveer een maand. In sommige gebieden waren tijdelijke oplossingen nodig om te voorkomen dat ongezuiverd water in waterlopen terechtkwam, terwijl tegelijkertijd aan permanente oplossingen werd gewerkt.
Een bijzonder urgente uitdaging ontstond doordat aquaducten die de stad Valencia van water voorzien, zwaar beschadigd waren als gevolg van de overstromingen. Hierdoor kwam de watervoorziening van honderdduizenden inwoners ernstig in gevaar. Dankzij gecoördineerde noodmaatregelen werd de crisis binnen drie dagen onder controle gebracht en het systeem gestabiliseerd. Toen de noodwerkzaamheden de situatie hadden gestabiliseerd, verschoof de aandacht naar lange-termijn planning. Estrela benadrukt dat een grondige analyse van de gebeurtenis noodzakelijk was, waarbij nieuwe data die tijdens en na de overstromingen werden verzameld, werden gebruikt om het bestaande Overstromingsrisicobeheerplan te actualiseren. Samenwerking met nationale technische en wetenschappelijke instellingen in Spanje, waaronder CSIC en CEDEX, zorgde ervoor dat herstelbeslissingen op een sterke wetenschappelijke basis werden genomen, een cruciale voorwaarde voor effectief rampenbeheer.
Beide geïnterviewden benadrukken het belang van het opbouwen van veerkrachtigere systemen. Llanes wijst op de noodzaak van lange-termijn planning, stabiele financiering, duidelijke en continue coördinatie van het herstelproces en efficiëntere aanbestedingsprocedures. Estrela onderstreept het belang van sterke interbestuurlijke samenwerking en een brede, participatieve planning voor het vergroten van de veerkracht.
Zij benadrukken ook dat sommige infrastructuren, zoals wegen en telecommunicatie, relatief snel kunnen worden hersteld, terwijl complexere projecten, zoals bruggen en waterkeringen, meer tijd vergen, gespecialiseerde studies vereisen en zorgvuldige communicatie met betrokken gemeenschappen noodzakelijk maken.
Hun ervaringen laten zien hoe het herstel werd vormgegeven door urgentie en samenwerking, gecombineerd met een lange-termijn focus om de kwetsbaarheid voor toekomstige overstromingen structureel te verminderen.
Herstel gaat nooit alleen over het repareren van wat beschadigd is. Het vraagt om duidelijk leiderschap, goed gecoördineerde instellingen en financiering die snel beschikbaar komt, zodat mensen en gemeenschappen met vertrouwen hun leven kunnen heropbouwen.

Roger Llanes Ribas
Directeur van het Bureau voor Wederopbouw en Speciaal Commissaris voor Herstel van door de DANA veroorzaakte Schade

Aftermath of the 2024 flood in Alfafar, Valencia, Spain

Teodoro Estrela Monreal
Júcar River Basin Organization

Teodoro Estrela heeft een PhD in Civiele Techniek van de Universitat Politècnica de València. Hij was eerder Directeur-Generaal Water voor Spanje en werkt momenteel bij de Júcar River Basin Organization, waar hij eerder plaatsvervangend directeur en hoofd van het Hydrologisch Planningsbureau was. Hij was voorzitter van de Watercommissie van de World Council of Civil Engineers en leidde het ‘International Network of Basin Organizations’ in Europa. Daarnaast is hij professor aan de Universitat Politècnica de València.
Goed herstel steunt op sterke wetenschappelijke en technische instellingen. Het actualiseren van onze overstromingsrisico-modellen met steun van CSIC en CEDEX was essentieel om na de overstromingen van 2024 goed onderbouwde beslissingen te kunnen nemen.

Teodoro Estrela Monreal
Júcar River Basin Organization
Hauts-de-France
Tussen oktober 2023 en januari 2024 werd Hauts-de-France getroffen door een reeks van zware stormen die grootschalige overstromingen veroorzaakten in de stroomgebieden van de Aa, Hem, Liane en Canche. Deze gebeurtenissen hadden verstrekkende gevolgen, waarbij het departement Pas-de-Calais verantwoordelijk was voor meer dan zestig procent van de totale regionale schade. Tot de getroffen gebieden behoort ook de Wateringuesvlakte, het grootste poldergebied van Frankrijk, waar waterbeheer een bijzonder kwetsbaar evenwicht vormt tussen natuurlijke processen en menselijke infrastructuur.
Om inzicht te krijgen in hoe het herstel verliep, spraken we met Elisabeth Frot, directeur van EPTB SYMSAGEB (Gemeenschappelijke Vereniging voor Waterbeheer en Ontwikkeling in het Boulogne-gebied), de organisatie die verantwoordelijk is voor stroomgebiedsbeheer, aquatische milieus en overstromingspreventie. Eén van de belangrijkste uitdagingen die zij benoemt, is het moment waarop een gebied moet overschakelen van crisisrespons naar herstel. Verschillende groepen, bewoners, lokale bestuurders, technici en institutionele partners, maken deze overgang niet in hetzelfde tempo. Iedereen op één lijn krijgen vraagt daarom
om zorgvuldige communicatie en een gedeeld begrip van doelen en prioriteiten.
313 gemeenten
erkend als rampgebied
€
640 miljoen
aan geschatte totale schade (CCR, maart 2024)
42.100
ingediende verzekeringsclaims in de regio
~1.000 getroffen bedrijven
waarvan 400 direct overstroomd
816 personen herhuisvest
De geografische kenmerken van het stroomgebied van de Boulonnais zorgen voor extra complexiteit. Stroomopwaarts leiden steile hellingen tot snelle afstroming en modderstromen, zoals duidelijk werd tijdens de gebeurtenissen van 2023 en 2024. Stroomafwaarts, met name in het poldergebied en de sterker verstedelijkte zones, verloopt de afvoer naar zee traag en moeizaam. Elk deel van het stroomgebied reageert anders op neerslag, wat betekent dat technische oplossingen niet uniform kunnen zijn. Deze diversiteit maakt het moeilijk om één herstelstrategie te ontwikkelen die aansluit bij alle lokale omstandigheden. Ook operationele beperkingen hebben het herstelproces beïnvloed. SYMSAGEB is een klein team met verantwoordelijkheid voor een groot en zeer divers gebied, waardoor het lastig is om overal diagnostiek uit te voeren en continu aanwezig te zijn in het veld. Lokale schakels en partnerschappen zijn onmisbaar, maar het stellen van prioriteiten blijft een permanente uitdaging. Dringende problemen vragen om snelle actie, terwijl duurzaam herstel juist vraagt om meer geïntegreerde en lange-termijn oplossingen die verder gaan dan snelle reparaties.
Een andere belangrijke uitdaging betreft communicatie met bewoners en andere belanghebbenden. Zij hebben vaak geen goed beeld van de verscheidene verantwoordelijkheden. Rivieronderhoud, afstromingsbeheer en hoogwaterbescherming zijn verdeeld over meerdere actoren. Misverstanden kunnen leiden tot onrealistische verwachtingen en het toeschuiven van verantwoordelijkheid. SYMSAGEB moet daarom vaak toelichten wat wel en niet binnen haar mandaat valt, evenals de grenzen van bepaalde maatregelen, zoals baggeren of snelle afwatering, die het overstromingsgedrag soms juist kunnen verergeren in plaats van verbeteren.

Drone view of the reconstruction of Rambla del Poyo in Valencia, one year after the floods.
Elisabeth Frot
Directeur van EPTB SYMSAGEB

Elisabeth Frot, PhD in hydrologie, combineert wetenschappelijke expertise met ruime ervaring in het beheer van water en aquatische omgevingen. Na een loopbaan in onderzoek en territoriale hydraulica werd zij in 2025 directeur van EPTB SYMSAGEB, waarbij zij verantwoordelijk is voor strategie op stroomgebiedsniveau, teamleiding en coördinatie van gekozen bestuurders en partners in het veld. Haar werk richt zich op het begrijpen van hydrologische dynamieken, het ondersteunen van lokale overheden bij risico- en waterbeheer en het bevorderen van een gedeelde cultuur van veerkracht gebaseerd op wetenschap, samenwerking en vertrouwen.
Hydrologische en hydraulische processen zijn voor het brede publiek niet altijd gemakkelijk te begrijpen.Tijdens de overstromingen boden maatregelen zoals pompen of het plaatsen van zandzakken vaak een gevoel van daadkracht, zelfs wanneer hun technische effect beperkt was door stijgend grondwater of verzadigde bodems. Uitleggen waarom bepaalde maatregelen wel helpen en andere niet, vraagt veel geduld, zeker in gespannen situaties. Bovendien overschreden deze gebeurtenissen de capaciteit van veel bestaande constructies, zelfs van infrastructuur die is ontworpen voor extreme neerslaggebeurtenissen. Dat bemoeilijkt communicatie met bewoners die op zoek zijn naar snelle oplossingen.
Ondanks deze uitdagingen ziet Elisabeth Frot duidelijke successen. De solidariteit tussen betrokken partijen nam in de loop van de tijd toe en samenwerkingen bleken van grote waarde, met name met instellingen zoals het European Center for Flood Risk Prevention and Management (CEPRI). Het actieprogramma, opgericht in 2002, voor overstromingspreventie, bekend als het PAPI (Programme d’Actions de Prévention des Inondations), levert een essentiële bijdrage. Het programma brengt technici, bestuurders, financiers en de staat samen om een routekaart voor het vergroten van veerkracht op te stellen, en biedt daarmee een gestructureerde basis voor lange-termijn planning en het versterken van de paraatheid van gemeenschappen voor toekomstige overstromingen.
Herstel gaat niet alleen over het repareren van schade. Het betekent het begrijpen van de hydraulica van het gebied, het herstellen van vertrouwen binnen gemeenschappen en het creëren van de lange-termijn voorwaarden voor een veerkrachtiger stroomgebied.

Elisabeth Frot
Directeur van EPTB SYMSAGEB
Met het oog op de toekomst beschouwt zij risico-bewustzijn als essentieel voor een sneller herstel. Dat kan bevorderd worden door publieksvoorlichting via evenementen, educatieve middelen die helpen begrijpen hoe overstromingen werken, en training voor bestuurders. Ook het verbeteren van real-time communicatie tijdens gebeurtenissen, het formaliseren van operationele protocollen en het versterken van waarschuwingssystemen zullen gemeenschappen helpen om toekomstige crises effectiever het hoofd te bieden.
Voor SYMSAGEB is herstel niet eenvoudigweg succesvol wanneer het leven ogenschijnlijk weer normaal is, maar wanneer hydraulische risico’s beter worden begrepen, prioritaire structuren zijn gestabiliseerd en het vertrouwen in het hele gebied is hersteld. Het is een langdurig proces, maar een proces dat vordert dankzij samenwerking, gedeelde kennis en een inzet voor het versterken van veerkracht.
De ervaringen van Valencia en Hauts-de-France laten zien dat, hoewel elke overstroming zijn eigen geografie, dynamiek en sociale impact heeft, veel onderliggende uitdagingen gedeeld worden. Vroege overgang van crisis naar herstel, sterke institutionele coördinatie, goed doordachte communicatie en investeringen in risicobewustzijn zijn allemaal essentieel. Kennisuitwisseling tussen regio’s helpt een collectieve capaciteit op te bouwen om te anticiperen, te reageren en zich aan te passen. Naarmate extreme overstromingen in heel Europa vaker voorkomen, zal leren van elkaar net zo belangrijk zijn als de fysieke maatregelen die worden genomen om gemeenschappen te beschermen.

Dronebeeld van de wederopbouw van de Rambla del Poyo in Valencia, één jaar na de overstromingen